NVO deelt zorgen Kwaliteitsstatuut GGZ met Kamer

9-3-2016

Het Kwaliteitsstatuut GGZ is in 2015 geïntroduceerd door de commissie Meurs in het rapport ‘Hoofdbehandelaarschap GGZ als noodgreep’. Het regelt vanuit het perspectief van de cliënt het aanspreekpunt voor stappen in het behandelingsproces en coördinatie tussen eventueel meerdere behandelaars. De commissie Meurs trachtte te waarborgen dat ook voor specifieke doelgroepen met een specifieke zorgvraag de juiste behandelaar aanspreekpunt is en specifieke verantwoordelijkheid draagt.

Inmiddels is het Kwaliteitsstatuut GGZ vastgesteld door de zogeheten ‘veldpartijen’ en op 16 februari jl. aangeboden aan minister Schippers en het Zorginstituut Nederland (ZiNL). Nu dit is vastgesteld en de orthopedagoog generalist daar vooralsnog niet in wordt vermeld, hebben wij onze zorgen hierover geuit middels een brief aan minister Schippers en nu ook in een bericht aan de Tweede Kamer commissie VWS met het volgende.

Als NVO missen we in de uitwerking die het Kwaliteitsstatuut nu heeft gekregen de door de commissie Meurs bepleitte specifieke aandacht voor specifieke cliëntgroepen. Het gaat ons als NVO dan met name om (jong)volwassenen die onder het stelsel van de Zorgverzekeringswet vallen en om cliënten die last hebben van raakvlakken tussen stelsels, bijvoorbeeld jongeren die tijdens hun behandeling 18 jaar worden en cliënten die een ggz-vraag hebben, die te herleiden is tot het domein van de langdurige zorg.

De commissie Meurs adviseerde juist voor deze cliëntengroepen, om de orthopedagoog generalist op te nemen in de Wet BIG (als artikel 3 beroep), omdat dit één van de criteria is om regiebehandelaar te kunnen zijn (blz. 31):

“Door BIG-registratie als absoluut vereiste te nemen, komen bepaalde beroepsgroepen niet in aanmerking voor het vervullen van het regiebehandelaarschap, terwijl zij daarvoor wel voldoende gekwalificeerd kunnen zijn. Dit geldt in het bijzonder voor de orthopedagogen-generalist."

"De orthopedagogen-generalist zijn niet BIG-geregistreerd en kunnen om die reden geen regiebehandelaar zijn. De commissie ziet als meest aangewezen oplossing de orthopedagogen aan te wijzen als art. 3 wet BIG beroep. Zij geeft hieraan de voorkeur boven het creëren van een uitzondering op het vereiste van BIG-registratie voor vervulling van het regiebehandelaarschap.”

Minister Schippers besloot in juni jl. tot een voorstel tot wetswijziging om de beroepsgroep orthopedagoog generalist op te nemen als BIG-beroep. Dit wetsvoorstel is er echter nog niet. In de uitwerking van het Kwaliteitsstatuut komt de orthopedagoog generalist, ondanks het expliciete advies van de commissie Meurs en het voornemen van de minister, niet terug. Er is sprake van een experimenteerartikel, maar ook dit is er nog niet en de NVO heeft daarover nog veel vragen.

Wij kaartten onze zorgen per brief aan bij Zorginstituut Nederland en kregen gelukkig gehoor. Volgende week vindt overleg plaats met o.a. onze beroepsgroep. Natuurlijk zetten we alles op alles voor een positief resultaat.

Mocht dit onverhoopt niet het geval zijn, dan ontstaat een continuïteitsvraagstuk voor diverse categorieën cliënten die nu onder behandeling van een orthopedagoog generalist zijn of daarvoor in aanmerking zouden komen. Vanaf 2017 zou diens zorg tot nader orde namelijk niet meer door zorgverzekeraars worden vergoed. Daardoor zal het stelsel specifieke expertise verliezen. Immers, de betreffende professionals zullen elders werk zoeken of zonder werk komen te zitten.

Vooruitlopend op het overleg met ZiNL, stuurden wij over dit continuïteitsvraagstuk een brief aan minister Schippers op 22 februari jl. en hebben onze zorgen nu dus ook gedeeld met de Tweede Kamer commissie VWS. Immers, de tijd dringt: al vanaf 1 april ontwikkelen zorgverzekeraars hun polisvoorwaarden, op grond van het Kwaliteitsstatuut en mogelijk van het experimenteerartikel. Als e.e.a. voor die tijd niet helder is, dreigt onze beroepsgroep en met hen hun cliënten, buiten de boot te vallen.

Mocht u hier vragen over hebben, neem dan contact op met Cécile Salden (beleidsmedewerker) via c.salden@nvo.nl.