Vliegende keep op alle NVO-domeinen

Zondag 30 juni. Een vliegende keep, zo voelde ik me afgelopen week. Een passende metafoor toch, zo tijdens het WK-damesvoetbal? Bijna alle NVO-domeinen kwamen deze week in mijn agenda aan bod: een overleg met de artsen gehandicaptenzorg in het kader van de Wet Zorg en Dwang, een brief met o.a. de VGN aan de Eerste Kamer over diezelfde wet, overleg met de FBZ over onze rollen en taken in de Jeugdhulp, een vervolg op onze brandbrief over het Kwaliteitsstatuut ggz, een verdiepingsdiscussie met ons eigen bestuur over de governance van de NVO, de NVO-ledenraad, een discussie over regelgeving, toezicht en governance bij de FGZPt. En vrijdag eindigde al dat bestuurlijke gedoe gelukkig in een glorieuze, puur inhoudelijke OG-dag.

Kunnen en mogen gedragswetenschappers in de gehandicaptenzorg doen wat voorheen uitsluitend artsen deden? Ja, vinden wij als NVO. Wel als het gaat om interventies die betrekking hebben op gedrag van cliënten. Omdat onze beroepsgroep daar bij uitstek expertise op heeft en omdat artsen zich dan meer kunnen toeleggen op wat niét tot de bekwaamheid van onze beroepsgroep hoort: somatische vraagstukken en het voorschrijven van medicatie of andere somatische behandelingen. Dat komt de cliënt en zijn omgeving ten goede. In de praktijk werken de beroepsgroepen overigens naar volle wederzijdse tevredenheid al op die manier. Toch is er koudwatervrees bij artsen als dat ook wettelijk wordt geregeld. Dat kwam tot uiting in de discussie in de Tweede Kamer, die inmiddels met een grote meerderheid akkoord ging en speelt nu opnieuw in de Eerste Kamer.  Ondertussen overlegden wij woensdag wel met de artsen in de gehandicaptenzorg hoe wij gezamenlijk het voortouw kunnen nemen bij voorzieningen die de invoering van de wet ondersteunen.

Het Kwaliteitsstatuut ggz: ik scheef er al een aantal keer over in dit weekbericht. De NVO pleitte ook afgelopen week weer, in P3NL verband, voor onmiddellijke opname van de beroepen OG en NIP-K&J als regiebehandelaar in de ggz. En daarnaast voor een fundamentele herziening van het Model Kwaliteitsstatuut, zodat dat én governance-proof is én, vooral, zorgaanbieders in staat stelt gekwalificeerde professionals zó in te zetten dat zij écht optimaal kunnen inspelen op de specifieke zorgbehoeften van specifieke cliënten. Nu kunnen we even niets anders doen dan afwachten hoe er op onze voorstellen wordt gereageerd.

De nodige energie ging afgelopen week ook zitten in de vraag hoe we nou optimaal greep houden op orthopedagogen die de opleidingen ‘afleveren’. We willen dat er voldoende orthopedagogen worden opgeleid én we willen dat die voldoen aan wat wij als beroepsgroep belangrijk vinden. Dat kun en wil je niet allemaal in officiële regelgeving regelen en dus heb je als beroepsgroep ook het toezicht op die opleidingen niet zo gedetailleerd in de hand. Toch streven we wel naar een zo optimaal mogelijke regie van onze beroepsgroep op dat toezicht. En hoe we dat kunnen doen, dáárover ging het afgelopen week. Zowel in de zogeheten FGZPt als in ons overleg met VWS.

Met de FBZ, de vakbond voor een groot deel van onze leden, spraken we over de Jeugdhulp. Hoe kunnen we ons er nou zo sterk mogelijk voor maken dat extra middelen die het kabinet vrijmaakt, terecht komt bij jeugdhulpinstellingen en vooral bij de professionals? En: wat kunnen we in dit verband samen nog meer doen om de professionals in de jeugdhulp te ondersteunen in het mooie, maar zware werk dat zij doen? Wat we precies gaan doen weet ik nog niet, wel dat in de zomerperiode een gezamenlijk actiegroepje aan het werk gaat.

En toen was het vrijdag en was het OG-dag. Wat een mooie dag! Over ‘omdenken’ in de jeugdhulp en het vinden van creatieve benaderingen. Een oma en een buurman aan het woord over wat zij als JIM, samen met een professional, doen voor jongeren die dreigden vast te lopen. En een antropologische benadering van de betekenis van social media voor de seksuele ontwikkeling van jongeren. Zo mooi, dit programma! Zo mooi dat we dit willen meenemen naar de voorbereidingen van Puur Pedagiek, zodat al onze leden dit kunnen meemaken.

Tot volgende week,

 

M