Vier weken geleden had ik geen idee...

Zondag 12 april. Vier weken geleden ging ook mijn wekelijkse blogje in lock down. Er waren in allerlei opzichten belangrijker zaken. Vier weken geleden dacht ik dat thuis werken gewoon doorwerken zou betekenen. Vier weken geleden had ik nog nooit een vlogje opgenomen. Vier weken geleden had ik nog nooit met Zoom of Teams gewerkt. Vier weken geleden had ik geen idee hoe belangrijk het is om een overheid te hebben die we kunnen vertrouwen. Vier weken geleden wist ik niet wat er bij komt kijken om Nederland overeind te houden. Vier weken geleden vermoedde ik niet dat we zo goed zouden kunnen samenwerken. Vier weken geleden had ik geen idee van wat er op ons als NVO en op u als pedagoog zou afkomen.

Verbijsterend naïef was het om het weekend tussen het besluit om als NVO-bureau thuis te werken en de maandag van de nieuwe werkweek niét te benutten om te anticiperen. Ja, goed, ik had een telefonisch overleg met onze ondersteunende medewerkers geregeld om te bespreken hoe we telefonisch bereikbaar zouden blijven. Omdat zíj daaraan dachten. Niet ik. Ik had iedereen informatie over Zoom gestuurd en iedereen aangeraden het te bekijken. Zelf had ik het geïnstalleerd. En dat was alles. Wat ontzettend dóm om ons niet te realiseren dat de zelfstandig gevestigden vragen hadden over hun voortbestaan. Dat medewerkers in loondienst vragen hadden over hun rechten en plichten als goed werknemer. Dat iédereen vragen had over digitaal zorg verlenen. Dat iédereen zich zorgen maakte over cliënten in een opeens drastisch veranderde woonsituatie. Maandag kwam dat dus als een mokerslag. Aan het eind van die eerste dag stond er een geïmproviseerd dossier op onze website. Aan het eind van die eerste dag wist ik hoe Zoom werkte. Aan het eind van die eerste dag besloot ik elke volgende dag te starten met een vlogje voor alle collega’s. Aan het eind van die eerste dag besloot ik elke werkdag te beginnen met een overleg met mijn collega’s communicatie.

In de dagen daarna kwam de samenwerking met collega-beroepsverenigingen tot stand. Vooral op het gebied van Jeugd en op het gebied van de ggz. Daar bewezen de infrastructuren zich, die de afgelopen jaren zijn opgezet. Ze werden schakelpunten werden met de rijksoverheid. Daar konden signalen worden ingebracht, wederzijds voorstellen worden gedaan en richtlijnen worden ontwikkeld. Met overigens in het begin een sterk accent op de fysieke kant: hoe vertalen we de RIVM-richtlijnen naar de zorgsectoren? Terwijl er ook zoveel behoefte was en is aan adviezen over zorg verlenen in deze nieuwe wereld. En ook met als aandachtspunt het feit dat elke sector zijn eigen richtlijnen ontwikkelt. Wat dan weer jammer is. In die fase realiseerden we ons ook waartoe onze zorgsector, ons onderwijs, onze hulpverlening in staat is. Wat een toewijding. Wat een doorzettingsvermogen. Wat een oplossingsgerichtheid.

Maar er was en is meer dan Corona. Het kostte moeite, maar we probeerden als NVO van meet af aan ook de reguliere dossiers zoveel mogelijk door te laten gaan. Een onderzoek naar thuiszittende leerlingen. De handreiking voor de gedragswetenschapper als wzd-functionaris. Onze net aangetreden voorzitter kreeg een paar flinke bestuurlijke dossiers voor zijn kiezen. Kennismakingsgesprekken tussen hem en belangrijke partners in ons netwerk werden zo goed mogelijk gepland. En dat gold ook voor het opstellen van het jaarverslag en de jaarrekening. Het eerste nummer van de Pedagoog verscheen en wijdde letterlijk geen woord aan Corona. Omdat het nummer inhoudelijk was afgerond vóór de crisis. 

En tenslotte: wat gaan we voor u doen als vervanging van onze studiedagen en workshops? Wat kunnen we u vakinhoudelijk bieden? Daar zijn we nu volop mee bezig. Dat is uitdagend en stimulerend. U hoort van ons!

M