Kindermishandeling, het Kwaliteitsstatuut en OG in de BIG

Zondag 17 januari

Over het stoppen van kindermishandeling en  het Kwaliteitsstatuut in de GGZ. En wat betekent het voor de opleidingen tot orthopedagoog generalist als de orthopedagoog generalist wordt opgenomen in de wet BIG?

Er gebeurde veel rondom de aanpak van kindermishandeling, afgelopen week. In onze nieuwsbrief en op de website kon u er al over lezen:  staatssecretaris van Rijn kondigde aan dat hij bij ernstige vermoedens van kindermishandeling naar een vereiste registratie toe wil. Eerder was sprake van een meldplicht. Hoe zeer de NVO ook wil meewerken aan het stoppen van kindermishandeling, met vele andere beroepsorganisaties betwijfelen wij zeer of een meldplicht voor professionals daarvoor het geschikte instrument is. Wat precies de verschillen zijn met een vereiste registratie moeten we nog uitzoeken. We willen in ieder geval, als het even kan met onze collega-beroepsverenigingen samen, voor het volgende Kamerdebat dat begin februari is gepland, een standpunt inbrengen.

Maar ook benaderde het Nederlands Genootschap Huisartsen ons over een richtlijn die zij opstellen voor samenwerking tussen eerste lijnsorganisaties. We vinden het heel positief dat het Genootschap afstemming met ons zoekt, maar wij van onze kant moeten natuurlijk bezien hoe een en ander zich verhoudt tot met name de richtlijn jeugdhulp die we samen met NIP en BPSW hebben vastgesteld. We gaan natuurliijk ons uiterste best doen goede feedback te geven.

In de loop van de week ontvingen we als beroepsverenigingen het nieuwe model Kwaliteitsstatuut, dat o.a. het regiebehandelaarschap regelt. Het regiebehandelaarschap is een mooi concept, dat vertrekt vanuit het belang van de cliënt. Vanuit dat perspectief regelt het verantwoordelijkheid van degene die de regie op de behandeling heeft en de verantwoordelijkheid van andere professionals die betrokken zijn bij de cliënt. Maar we schrokken van de uitwerking, die een voor ons onbegrijpelijk onderscheid maakt tussen professionals die deze taak kunnen verrichten in de basis- en gespecialiseerde ggz en bij vrijgevestigde praktijken en instellingen. Daar komen opeens limitatieve lijstjes terug die geen relatie leggen met de zorgvraag van de cliënt en eventuele specifieke doelgroepen zoals jeugdigen. Om maar niet te spreken over het feit dat de orthopedagoog generalist helemaal niet terug komt in die lijstjes, terwijl de commissie Meurs die in haar advies specifiek naar voren schoof als regiebehandelaar. Dus dat vergt, naast P3NL, opnieuw stevige actie van ons als NVO.

Intussen zijn we volop bezig met het traject om de orthopedagoog generalist op te nemen in de Wet BIG. Donderdagavond spraken we met de vier hoofdopleiders van de opleidingen over wat er voor hen en voor ons gaat veranderen en hoe we ons daar samen zo goed mogelijk op voorbereiden. Tenslotte moet alles voor opleidelingen geregeld zijn als opname in de Wet BIG een feit is. Belangrijke aandachtspunten zijn de erkenning en visitatie van praktijkopleidingsplaatsen en de toekomst van individuele leertrajecten.

Het is nog ver weg, maar in ons hoofd zijn we al bezig met de landelijke OG-dag in juni en de Dag van de Pedagogiek in november. Méér dan voorheen betrekken we de universiteiten uit de Kamer van Pedagogiek en Onderwijskunde en de netwerken bij die Dag van de Pedagogiek. Dat levert actief meedenken op en dat is voor ons weer motiverend.

Tot volgende week

M