Kindermishandeling, beroepsethiek rond pedagogische rapportages vluchtelingenkinderen en weer een stapje richting 'OG in de BIG'

Kindermishandeling is in dié zin een onomstreden onderwerp, dat het evident is dat iedereen het wil stoppen. Ook als NVO doen we het nodige; zo autoriseerden we het afgelopen jaar richtlijnen kindermishandeling en Kinderen van Ouders met Psychische Problemen (KOPP). Het ging om richtlijnen Jeugdhulp, maar ook om richtlijnen die waren opgesteld rondom huisartsen en voor de ggz. We coördineerden de reactie van een aantal beroepsverenigingen op het voorstel van staatssecretaris van Rijn over een meldplicht als onderdeel van de meldcode. We accrediteren nascholingsaanbod over het signaleren van kindermishandeling en over gespreksvaardigheden. Toch kan het allemaal nog wat systematischer en meer samenhangend, constateerden we maandag in een gesprek met de Taskforce Kindermishandeling en woensdag met onze nieuwe klankbordgroep kindermishandeling. Overigens, met die klankbordgroep, waaraan deskundige leden van een groot aantal werkvelden deelnemen, zijn we erg blij. In ieder geval bundelen we de informatie, van onszelf en van anderen, binnenkort op in een apart dossier op onze website. Maar misschien moeten we ook zelf bijeenkomsten organiseren om het onderwerp nog beter op de kaart te zetten.

Onze pool van vrijwilligers die pedagogische rapportages opstellen over vluchtelingenkinderen is hard aan het werk. Op de startbijeenkomst, op 1 april, stelden zij vragen over de beroepsethiek rondom deze rapportages. Wat betekent het voor de informatieplicht aan ouders om in opdracht van een advocaat te werken? De beroepsethische medewerkers van NVO en NIP bogen zich over die vraag. Donderdag staken we de koppen bij elkaar en inventariseerden we een aantal punten waarover we de leden kort en bondig, in de vorm van een handreiking, gaan informeren. Op 30 september, als de pool een terugkomdag heeft ,–maar misschien al eerder-, hopen we die handreiking te kunnen uitdelen. Alvast een tipje van de sluier: een advocaat is niet te vergelijken met een rechter (bijvoorbeeld in geval van vechtscheidingen of onder toezicht plaatsing); de advocaat wordt verondersteld in opdracht van de ouders te werken en daarmee is de informatie aan ouders bijna vanzelfsprekend. Behalve als het aantoonbaar in het belang van het kind is omdat niet te doen. Het lijkt vanzelfsprekend, maar hou u aan de onderzoeksvraag en waag u niet aan conclusies die verder gaan. Dát is immers de verantwoordelijkheid van iemand anders.

Het ministerie van VWS vroeg de NVO enige tijd geleden om input te leveren voor het zogeheten besluit dat ónder het wetsvoorstel hangt dat o.a. opname van de orthopedagoog generalist in de Wet BIG regelt. Dit besluit gaat de opleiding orthopedagoog-generalist regelen, als het parlement het wetsvoorstel goedkeurt. Ook voor de beroepen die nu al artikel 3 beroepen in de Wet BIG zijn, de gezondheidszorgpsycholoog en de psychotherapeut, moet die input worden geleverd. Bij dié beroepen gaat het echter om een aanpassing van het huidige besluit. Voor de orthopedagoog generalist moet een heel nieuw besluit worden opgesteld. Afgelopen weken bespraken we dat met de hoofdopleiders van de vier OG-opleidingen, de NVO-commissies die hierbij betrokken zijn en het bestuur. We gaan uit van competenties, die het beroepscompetentieprofiel (NVO, 2014) verwoordt. Er is binnen de NVO breed draagvlak om voor supervisoren vast te houden aan een aparte opleiding. De diagnostische aantekening willen we als toegangseis stellen, maar we formuleren dat anders dan ‘psychodiagnostiek’, omdat we het systeem en het te bereiken doel als onderdeel van diagnostiek zien.

Het bestuur benoemde woensdag onze nieuwe voorzitter van het College van Beroep. Carla van Os, bij de NVO al bekend vanwege haar deelname aan het project vluchtelingenkinderen, gaat Margrite Kalverboer opvolgen.

Tot volgende week!

M