Facturering, ledenaantallen en dogmatiek

Zondag 4 februari. Bijna altijd schrijf ik in dit weekbericht over inhoudelijke zaken. Ik ga ervan uit dat dát is wat u interesseert. Maar deze week sprankelde de bedrijfsvoering en liepen medewerkers van ons bureau stralend en soms zelfs stuiterend door de gangen omdat ‘het’ zomaar gelukt was. Dat was zo inspirerend dat mijn weekbericht daaraan is gewijd. ‘Het’, dat was het verzenden van de jaarlijkse contributienota; iets waar u waarschijnlijk helemaal niet zo blij van wordt. Elke eerste dag van de maand krijgen wij de cijfers van onze ledenaantallen. Ook dat was reden tot vreugde. En wist u dat er mensen zijn die speciaal lid worden omdat ze dan in onze pool van vrijwilligers mogen die pedagogische  rapportages maken voor vluchtelingenkinderen? Echt waar; de afgelopen maand waren dat er drie.

Het begon er al mee dat de cijfers van onze ledenadministratie bleken te kloppen. Daar mag je natuurlijk van uitgaan bij een professionele organisatie, maar er zijn toch bijna altijd kleine verschillen tussen die cijfers en het aantal aangemaakte nota’s. Niet dit jaar. Complimenten dus aan iedereen die daarvoor verantwoordelijk is. Sinds een paar jaar worden de nota’s per mail verzonden. Dat was toen ook al een enorme vooruitgang voor ons. Toen hadden we echter nog van een relatief groot aantal leden, zo’n 600, geen emailadres. Dat aantal is nu nog maar 100. Die leden krijgen de nota als vanouds per post. Op een ledenaantal van zo’n 7500 is dat verwaarloosbaar klein. De echter grote stap voorwaarts was dat dit jaar de facturen via uw ledenaccount gaan. Elk lid kan de factuur nu terugvinden in het eigen account. Nooit meer kwijt dus, ook niet als u de mail per ongeluk verwijdert.

Nog zoiets: ook al een aantal jaar betaalt u, als u deelneemt aan onze studiedagen of congressen, met iDeal. Maar nu ontvangt u direct, automatisch, een op naam opgemaakt factuur, waarin u ook kunt zien wat u aan btw betaalt. Voor u, vooral als u zelfstandig gevestigd bent, handig. En voor onze medewerkers scheelt het handenvol werk. De volgende stap is dat we automatisch badges kunnen maken voor die studiedagen en congressen. De besparing aan tijd die dat oplevert, kunnen we inzetten voor meer ledenactiviteiten of voor meer inhoudelijke ondersteuning.

Ons ledenaantal stijgt en stijgt. Waardoor dat komt weten we helaas niet zo goed. We weten wel dat u vooral lid wordt vanwege de registratie en, in mindere mate, voor de belangenbehartiging. Maar dat verklaart op zich de stijging niet. Zelf denk ik dat een combinatie is van de bevolkingsopbouw en van de recessie, die in ons geval gunstig voor ons was;  uw lidmaatschap versterkt uw cv en de NVO biedt hoe dan ook een netwerk dat u kan helpen op de arbeidsmarkt. Maar dat is een niet bewezen veronderstelling. Afgelopen maand werden 120 pedagogen lid van de NVO. Dat is twee keer zo veel als in voorgaande jaren. Prachtig dat we dat overzicht elke maand krijgen en prachtig dat we in een oogopslag die vergelijking met voorgaande jaren maakten. Drie van die 120 werden dus speciaal lid om zich als vrijwilliger voor vluchtelingenkinderen te mogen inzetten. Hoe mooi wil je het hebben?

Nou moet u niet denken dat het allemaal rozengeur en maneschijn is, hoor. De contributienota is voor een aantal van u ook het moment dat u denkt ‘Nu is het welletjes geweest’. Elk ontevreden lid is er één te veel, dus dat betreuren we. Ook kreeg ik een mail van een gz-psycholoog die bij de NVO supervisor wil worden en ‘nee’ te horen kreeg. Dogmatisch vond ze ons. Ons bestuur besloot afgelopen week een nieuwe commissie in te stellen voor onze eisen aan orthopedagogen generalist en supervisoren. Die gaat zich ook over dit vraagstuk, dat zich steeds vaker aandient, buigen.

Tot volgende week,

 

M