De tergend langzame voortgang van de wijziging Wet BIG, pedagogische identiteit en openbaarheid

Zondag 5 november. De wijziging van de Wet BIG gaat langzaam, tergend langzaam, maar vordert. Maandag vond bestuurlijk overleg plaats over de herregistratie-eisen die voor alle zogeheten artikel-drie-beroepen gaan gelden. VWS verwacht de internetconsulatie nu begin 2018 en de behandeling van het wetsvoorstel vóór de zomer. Binnen de NVO spraken we op verschillende plekken en op verschillende manieren over de pedagogische identiteit: met het netwerk basisorthopedagogen en op de bestuursheidag. Een bijeenkomst die tot nadenken stemde was een bijeenkomst van de Vereniging voor gehandicaptenzorg (VGN) over openbaarheid. Met mate, was de conclusie. Met mate, omdat het bijna betoverende individuele werk van de professional in deze vorm van zorg niet zomaar in feiten en getallen valt te vatten.

Bij VWS kwamen maandag tal van bestuurders van beroeps- en brancheorganisaties samen om met de betreffende directeur-generaal van VWS  van gedachten te wisselen over één van de onderdelen van de wijziging van de wet BIG: de invoering van scholing als één van de herregistratie-eisen. Voor ons als NVO en voor bijna alle andere beroepsverenigingen is dit niets nieuws onder de zon. We stellen voor de orthopedagoog generalist –en ook voor de basisorthopedagoog- al lang scholing (met als onderdeel daarvan intervisie) als voorwaarde voor herregistratie. Nieuw is wel dat de wet gaat regelen dat het de beroepsgroepen zijn die de nu publieke normen gaan vaststellen. Omdat vakbekwaamheid een individuele verantwoordelijkheid van de professional is; gedurende zijn hele loopbaan. In deze laatste fase van het traject, met de bestuurders, leverde dit weinig vuurwerk meer op. Wel is en blijft een vraag hoe bestaande private kwaliteitsregisters overeind kunnen blijven als het BIG-register straks, voor minder geld, ongeveer hetzelfde gaat regelen. ‘Bedenk wat!’, was de oproep van VWS. Er is ruimte. Ruimte is er ook om voor beroepsgroepen die nog geen kwaliteitsregister kennen, zoals gezondheidszorgpsychologen, zo'n register te ontwikkelen.

Het netwerk basispedagogen legde maandagavond, met enthousiasme, een puzzel. Een puzzel is het en puzzel blijft het: de toegevoegde waarde van de pedagoog. We zouden dat graag in één woord willen vatten, maar daarvoor is het beroep te veelzijdig. Pedagogen werken op diverse domeinen, in verschillende rollen, met tal van kwaliteitskenmerken. Toch, als je alle verschillende kenmerken in stukje knipt en door beroepsgenoten laat ordenen komen stelselmatig dezelfde elementen terug als hart van het beroep: het belang van het kind als fundament, ontwikkeling en participatie als doel, het verbinden van diverse actoren in de opvoedingssituatie als activiteit. Dit kwam terug op de bestuursheidag, toen het bestuur worstelde met de vraag: De NVO bestaat omdat…. Na toch nog een best intensieve discussie was de conclusie dat wij als vereniging willen zorgen dat vakbekwame  in alle opzichten hun werk kunnen blijven doen. Omdat het analyseren en helpen oplossen van ontwikkelings- en opvoedingsvraagstukken aantoonbaar toegevoegde maatschappelijke waarde heeft. Vervolgens is dan natuurlijk de vraag: wat doe je als vereniging waarom om dat te realiseren?

Tegen dat licht is nog wel de moeite waard om te vertellen dat ik tussen de bedrijven door nog even aanschoof bij het NJI. Samen met een aantal andere organisaties organiseren we nu al drie jaar een lezingencyclus ‘Opvoeding tussen wetenschap en praktijk’. Over een paar weken komt er weer één die wij als NVO ‘trekken’, over vluchtelingenkinderen. Samen met het Expertisecentrum in Groningen. Een mooi initiatief om dat samen zo’n cyclus te organiseren. Toch is het in de loop der tijd wat sleets geworden: ‘wij zijn aan de beurt en dus bedenken we iets’. Dat kan beter. Bijvoorbeeld door als kader te nemen: wat betekent dit voor ‘samen doen wat werkt’? En door vooraf beter samen af te stemmen en bijvoorbeeld in duo’s een lezing voor te bereiden.

Over de bijeenkomst over openbaarheid schreven we al in onze nieuwsbrief. Dat ga ik hier niet over doen. Op de site van de VGN staat er ook een mooie weergave: In Dialoog: ‘Transparantie kan openheid in de weg staan’

Tot volgende week. Dan meer over ons congres Puur Pedagogiek, dat vrijdag plaats vindt.

M