De NVO en David Cameron

Zondag 21 februari

Het Kwaliteitsstatuut: de NVO als David Cameron? Evaluatie van de zetelverdeling NVO, NIP en NVP in bestuur en ledenraad FGzPt. En de derde Dag van de Pedagogiek krijgt vorm.

Het is op z’n zachtst gezegd aanmatigend om de NVO te vergelijken met Groot Brittannië en directie en bestuur met David Cameron. Toch herkende ik wel iets van de situatie van de NVO in de positie van David Cameron. Zij het dat buitengewoon jaloers ben op het feit dat hij kán onderhandelen en ook nog tot zulke resultaten komt. David Cameron onderhandelde afgelopen week over continuïteit van het lidmaatschap van Groot Brittannië aan de EU; zonder een aantal flinke uitzonderingsbepalingen kon hij niet terug naar zijn achterban. Met het resultaat van het Kwaliteitsstatuut kunnen wij eigenlijk ook niet terug naar u als achterban. Met zijn gelimiteerde lijstjes professionals staat het Kwaliteitsstatuut haaks op de uitgangspunten van het advies van de commissie Meurs. Dat advies stelde juist de cliënt en diens zorgbehoefte centraal. Van daaruit pleitte de commissie er voor om het mogelijk te maken dat de orthopedagoog generalist regiebehandelaar kan zijn. Immers, de orthopedagoog generalist heeft expertise voor diagnose en behandeling van heel specifieke cliëntgroepen, of het nou gaat om Generalistische Basis-GGZ of om Gespecialiseerde GGZ. In die eigenlijk door ons verguisde limitatieve lijstjes van professionals komt de orthopedagoog generalist echter niet voor.

De afgelopen weken kon ik er nog niet over schrijven. Maar het hield ons intensief bezig of en hoe wij als NVO nog invloed konden uitoefenen op de actoren die wél direct betrokken waren bij het opstellen van het Kwaliteitsstatuut. We belandden echter in een vacuüm. P3NL, die wel aan tafel zat, heeft nog steeds zijn standpunt niet bepaald over de beroepenstructuur BIG en daarmee ook niet over de positie van de orthopedagoog generalist. We spraken af dat wij als NVO daarom onze eigen lobby zouden voeren. VWS hield de boot af en verwees naar P3NL. We deden nog een beroep op P3NL en VWS om, ter wille van uw cliënten, de reguliere posities los te laten. Maar ook dat bleek tevergeefs. Hoe krijgen we het loket weer open, om tenminste te zorgen dat er geen discontinuïteit ontstaat voor cliënten die nu door de orthopedagoog generalist worden behandeld? We hebben notabene net voor elkaar dat de meeste verzekeraars met een overgangsmaatregel de kloof ’18-/18+’ hebben gedicht; ook dat staat nu op de tocht. Ik zeg het niet gauw, maar nu zitten we toch echt met ons handen in het haar.

Het Kwaliteitsstatuut is, naast een inhoudelijk vraagstuk, dus ook een bestuurlijk item. Dat geldt nog sterker voor de zetelverdeling in de FGZPt. De FGzPt is de federatie die de regelgeving van en het toezicht op opleidingen gz-psycholoog en psychotherapeut en de specialismen van de gz-psycholoog (klinisch psycholoog en klinisch neuropsycholoog) regelt. Ooit, jaren geleden, was deelname van de NVO aan wat nu de FGzPt was een hot item als het ging om belangenbehartiging. Orthopedagogen hadden en hebben toegang tot de opleiding tot gz-psycholoog en we wilden graag dat de opleidingen ook orthopedagogische aspecten kenden. De NVP koos bij toetreding, in 2014, een vergelijkbare lijn als het ging om zetelverdeling. Zo gezegd, zo gedaan. Een evenredige zetelverdeling in bestuur en ledenraad. Alleen: wat als er een lid bijkomt? Dijen we dan uit als bestuur en ledenraad? Is dat functioneel? Zo komen we tot een voortschrijdend inzicht: gaat het bij regelgeving van en toezicht op opleidingen eigenlijk wel om belangenbehartiging? De regels waarover het gaat worden bepaald door het College; dat is onderdeel van de FGzPt, maar tegelijk inhoudelijk autonoom. Verder gaat het om het goed besturen van een orgaan, waarvan de regels heel duidelijk zijn, en dat voor beroepsgroepen werkt. Waarbij ‘beroepsgroepen’ lang niet volledig lid zijn van de verenigingen die een bestuurslid afvaardigen. Wat valt daarin te ‘belangenbehartigen’? Wat we wél vinden is dat de Ledenraad, het toezichthoudend orgaan, meer betrokken moet zijn bij strategische vraagstukken die rondom de FGzPt spelen. Zo spraken wij hier woensdagavond over,op een speciale bijeenkomst tussen bestuursleden en leden van de ledenraad. Besluitvorming is nog niet aan de orde. Maar ik schat zo in dat alle aanwezigen dit als een buitengewoon vruchtbaar overleg beschouwden.

De derde Dag van de Pedagogiek begint te sprankelen. Altijd een heel fijne fase, die voorafgaat aan het ploeteren om sprekers te benaderen en alles logistiek rond te krijgen. De thematiek krijgt vorm (ik verklap nog niets) en misschien koppelen we hieraan nog wel andere activiteiten voor een andere doelgroep (ik verklap nog niets).

Verder heb ik m’n handen vol aan het bureau. Wegens ziekte van één van onze medewerkers gaan we in ieder geval tijdelijk werken met een externe webmaster. Onze gloednieuwe website moet zo hier en daar nog wel worden geperfectioneerd; als het gaat om korte, aansprekende teksten. Maar ook als het gaat om een ‘customers journey’ als het gaat om het snel en integraal beantwoorden van vragen als: ‘Wat doet de NVO aan langdurige zorg?’, ‘Wat doet de NVO aan arbeidstoeleiding?’ en ‘Wat doet de NVO voor basis orthopedagogen?’. Deze weken starten we ook met de pilot om in samenspraak met medewerkers resultaatgerichte afspraken te maken, die tot eenduidige beoordeling van die medewerkers leiden. Een leertraject voor iedereen, ook voor mij als directeur.

Tot volgende week,

M