De één is de ander niet. Het speciaal onderwijs als kweekvijver.

Zondag 25 november. De één is de ander niet. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar hoe moeilijk is het om daar als supervisor goed op in te spelen. Of als leidinggevende, als ik het op mezelf betrek. Het was de kern van de jaarlijkse NVO-supervisorenavond. De één is de ander niet; dat geldt ook voor de wirwar aan registraties die we met z’n allen hebben ontwikkeld in ons veld. Hoe kunnen we dat makkelijker, goedkoper en overzichtelijker maken voor professionals? Dat vraagstuk kwam deze week op diverse plekken ter sprake. En drié van de vier finalisten van het Camerettenfestival bezochten het speciaal onderwijs. Hoe beperkingen talenten kunnen zijn. 

Hebben we met alle registraties en opleidingen een veelkoppig monster tot leven gewekt? En om maar in de beeldspraak te blijven: hoe krijgen we de geest dan weer in de fles? Dat is in ieder geval één van de conclusies van de eerste fase van het project ‘beroepenstructuur’; de inventarisatie. De geest terugbrengen in de fles betekent ordening en ordening betekent schikking en onderschikking. Wie mag zich met recht ‘beroepsgroep’ noemen, met een bijbehorende beroepsregistratie? En wie past bepaalde methodes toe? Wie vervult een functie of een taak, zoals de praktijkondersteuner huisarts of de regiebehandelaar?  

Dan hebben we de wettelijk geregelde registraties, waarin beroepsgroepen zich kunnen registreren: BIG en SKJ. Hoe verhouden die zich nou tot verenigingsregisters of kwaliteitsregisters? Als straks voor herregistratie in het BIG-register ook scholing verplicht wordt, kunnen de kwaliteitsregisters van de beroepsverenigingen, die dat al sinds jaar en dag doen, daarin een rol in vervullen? Bijvoorbeeld dat herregistratie in het BIG-register ‘vanzelf’ gaat en goedkoper is als je al geregistreerd bent in het kwaliteitsregister van de beroepsgroep. En zouden we dat dan ook in SKJ-verband kunnen regelen?

In ‘onze kringen’ is het vanzelfsprekend om over BIG én SKJ te spreken. Binnen het project beroepenstructuur is en blijft het een uitdaging om het speelveld breed te houden, inclusief jeugdhulp en gehandicaptenzorg. Diagnose en behandeling wordt zo snel verengd tot cognitief begaafde individuele volwassenen die aan een stoornis leiden. Hoe anders is dat voor mensen die cognitief niet begaafd zijn en ernstige gedragsproblemen vertonen. Of die moeite hebben met slikken. Ook dan is er diagnose en behandeling, maar die is zo anders van aard, inhoud en doel.

In mijn persoonlijk leven had ik ook nog een bijzondere ervaring: van de vier finalisten van het Camerettenfestial hebben er drié het speciaal onderwijs bezocht. Twee van hen zijn van buitenlandse afkomst en verwerkten die ervaringen in hun conference. De finalist doet hetzelfde, maar dan met zijn ervaringen met een beperking in het autistisch spectrum. En dan met humor en spot met zichzelf en met ons als publiek. Een paar weken geleden schreef ik over inclusief onderwijs, omdat ik daar onzeker over ben. Over de waarde van deze cabaretiers ben ik helemaal niét onzeker.

Tot volgende week,

M