Corona en de Rechten van het Kind

Zondag 17 januari 2021. De coronapandemie is soms terecht dominant, ook voor de NVO en soms ook gelukkig niet. Afgelopen week vonden we het nodig om onze stem te laten horen, omdat het kabinet te weinig laat zien dat het belangen van ouders, kinderen en gezinnen als geheel meeneemt in zijn overwegingen. Gelukkig zijn er ook leuke dingen; afgelopen week was dat het overleg met SKJ over de toekomst, een gesprek met BOOR, een groot schoolbestuur in Rotterdam, en kennismakingsgesprekken met leden voor onze nieuwe wetenschappelijke commissie.

De eerste week van het nieuwe kalenderjaar inventariseerden we in ons netwerk onderwijs hoe leden dachten over de sluiting van de scholen. Daar kwam een verrassend genuanceerd beeld uit naar voren. Natuurlijk zijn er zorgen over de risico’s die dit voor kinderen oplevert. Maar er zijn ook leden die wijzen op de veiligheid van ook kinderen, het feit dat er ook kinderen zijn die opbloeien, leerlingen nu vaker dan ‘gewoon’ met één en dezelfde leerkracht te maken hebben en dat dit óók een manier is om te voorkomen dat het tekort aan leerkrachten nog verder oploopt. Nou kent zo’n netwerk maar een beperkt aantal leden, dus zo’n inventarisatie is allesbehalve representatief. Maar waarschijnlijk zijn de meningen binnen de NVO net zo genuanceerd als in de rest van Nederland. Het grote verschil is dat wij als NVO wél expliciet naar de belangen van kinderen, ouders en gezinnen kijken. En dát missen we in de afweging die het kabinet naar buiten brengt. Alsof we niet iets kennen als ‘Het Algemene Verdrag van de Rechten van het Kind’. Alsof datzelfde kabinet niet tegelijkertijd ook een internetconsultatie naar een wetsvoorstel ‘leerrecht’ uitzet. Daarom begonnen we maandag met het initiëren van een statement via het programma Zorg voor de Jeugd. Een actie die in de loop van de week resulteerde in een statement dat het NJI naar buiten bracht en dat wij als NVO steunden. Nog een dag later besloten we ook de alliantie van Unicef te steunen. Inmiddels weten we dat het kabinet heeft besloten de basisscholen en kinderopvang toch gesloten te houden en dat het wel ‘coronaverlof’ voor ouders overweegt. Belangrijk voor ouders, zeker. Maar nog steeds zien we geen afweging die specifiek gaan over de belangen van kinderen en hun recht op ontwikkeling in de meest brede zin van het woord. Niet op de korte termijn en evenmin op de langere termijn. We zijn er dus nog niet klaar mee.

SKJ en de NVO voerden afgelopen week een vervolggesprek over de toekomst. Zo’n gesprek is nooit helemaal na te vertellen. Wat mij het meest bijbleef is ‘ruimte’ voor elkaar en tegelijkertijd samenwerking om het voor professionals makkelijker te maken. De beroepsverengingen richtten SKJ op en er zijn allerlei, ook formeel-bestuurlijke, relaties. Het kan ook teveel zijn; soms werken al die wederzijdse afhankelijkheden verstikkend. Je moet elkaar ook los kunnen en durven laten. En wie heeft nu welke rol als studenten binnen hogescholen in overgrote meerderheid kiezen voor ‘jeugd  omdát dat tot registratie leidt? Wie heeft welke rol als Wijkteams en Veilig Thuis, die ook vor andere leeftijdsgroepen werken, ertegen aan lopen dat hun medewerkers, om voor herregistratie in aanmerking te komen, te weinig werkervaring ‘jeugd’ hebben en er een, voor hen, eenzijdig geaccrediteerd nascholingsaanbod jeugd is? We kwamen tot de conclusie dat het aan SKJ is om in dit geval een probleemanalyse te maken; SKJ is immers de actor die hiermee wordt geconfronteerd. SKJ is ook de actor die dit moet agenderen. O.a. in overleg met de beroepsverengingen. Alleen samen met stakeholders kun je de verschillende overwegingen in kaart brengen en tot scenario’s komen. En tenslotte concludeerden we, niet voor er eerste keer, dat we onze NVO- (her)registratie-eisen en die van SKJ moeten harmoniseren, zodat het voor professionals makkelijker wordt. Ik hoop dat we daar in 2021 echt ene slag mee kunnen gaan slaan.

Waarom smaakte het overleg met BOOR naar meer? Een zoomoverleg met een manager en orthopedagogen in het speciaal onderwijs, die vragen hadden over de beroepscode, over opleidingen en over registratie. Het is altijd ‘gewoon’ leuk om diverse leden en niet-leden in beeld te hebben en met hen in gesprek te gaan en te horen wat bij hen leeft. Soms worden zaken die we in beeld hebben bevestigd -zoals het feit dat orthopedagogen met hun beroepscode, privacy en ‘toestemmingsgedoe’ in het onderwijs vaak lastig worden gevonden. En het feit dat opleidingsinstellingen OG eisen stellen aan praktijkopleidingsinstellingen waaraan door scholen moeilijk te voldoen is. Nog interessanter werd het toen het organisatiebrede ontwikkelingsdoel van BOOR ter sprake kwam. En het idee om samen met een aantal andere grote onderwijsbesturen samen op te trekken. Om een lang verhaal kort te maken: een vervolgafspraak wordt gepland.

En dan de kennismakingsgesprekken met toekomstige leden van de wetenschappelijke commissie. Het is eigenlijk al enthousiasmerend om te vertellen dat en hoe wij als NVO invulling geven aan onze wetenschappelijke basis en wat onze verdere ambities daarin zijn. En nog veel inspirerender om ideeën van die leden zelf daarover te horen. Hun belangstelling voor ons toekomstige Kennisplein, hun ideeën om leden NVO-breed te informeren over en te betrekken bij startend onderzoek , hun eigen promotieonderzoeken en wat die kunnen bieden.. En dan kom je er achter dat ergens bij een grote instelling voor jeugdbescherming een lid werkt met als taak kennis in de organisatie te brengen én alle gedragswetenschappers in die organisatie in positie te brengen om nog beter hun rol te pakken.

Kortom: een ei van Columbus, maar daarom niet minder waar: het is zó goed om tijd te maken om ‘gewoon’ met leden te praten.

Tot volgende week

M