Behoud van expertise jeugd-ggz, pedagogen en de rechterlijke macht en privacy in het onderwijs

Tot 2018 hanteren gemeenten voor het regelen van jeugdhulp in de (voormalige) jeugd-ggz de systematiek van de zorgverzekeringswet. Daarna wordt die losgelaten. Reden tot zorg bij de betreffende instellingen en professionals. Zullen gemeenten de juiste expertise blijven inzetten en zullen ze bereid zijn het daarbij behorende tarief te hanteren? De NVO deelt die zorg en wil graag meedenken over manieren die het behoud van expertise waarborgen. Dat blijkt nog niet zo eenvoudig te zijn. We lieten ons deze week bijpraten over het bijzonder curatorschap; de rechter kan in geval van een vechtscheiding een bijzonder curator inzetten om de belangen van het kind te borgen. We zien dat de rechterlijke macht belangstelling heeft voor onze beroepsgroep; dat geldt niet alleen voor het bijzonder curatorschap, maar ook voor de voorwaardelijke machtiging en voor pedagogische rapportages voor uitgeprocedeerde vluchtelingenkinderen. We overwegen daarom dat  deel van onze beroepsgroep dat hiervoor belangstelling heeft, te faciliteren met uitwisseling en deskundigheidsbevordering. Afgelopen week organiseerden we samen met het NIP een bijeenkomst over de aangescherpte wetgeving en hogere boetes die medio 2018 van kracht worden op het gebied van privacy. Tegelijkertijd berichtte de VO-Raad hierover. Boodschap is: pedagogen, ken je ‘zaakjes’, neem je eigen verantwoordelijkheid en pak je rol in het ondersteunen van scholen.

Wat ons opviel in het overleg met de NVO-vertegenwoordiger in de ontwikkeling van het bijzonder curatorschap is de overeenkomst met andere tendensen in ons beroep: we zien dat rechters een beroep doen op onze expertise als het gaat om het systematisch en professioneel in kaart brengen van de belangen van het kind. Maar we zien ook dat advocaten zich willen laten bijscholen op pedagogisch gebied. En we zien dat er nieuwe, speciale methoden ontstaan om het belang van het kind te analyseren, te verwoorden en soms ook te behartigen. Dat is interessant. Een kans voor de beroepsgroep, maar vooral ook voor een specifieke einddoelgroep. We gaan peilen of er belangstelling is om op dit vlak een netwerk op te richten. Daarin kunnen dit soort ontwikkelingen worden uitgewisseld.

GGZ-NL overlegt met de verschillende beroepsgroepen over het urgente vraagstuk om expertise in de (voormalige) jeugd-ggz te behouden. Om te beginnen is het heel prettig dat dit in volle openheid en met wederzijds respect gebeurt. Als NVO pleiten we al jaren voor het inzetten van de juiste professional op de juiste plek. In ons visiedocument het Pedagogisch Perspectief, dat demedicalisering ademt,  bepleiten we om een hoogwaardig opgeleide professional ‘aan de poort’ in te zetten, omdat die kan inschatten of het verantwoord is om op eigen kracht tot verbetering  te komen of dat het toch wenselijk is om snel door te verwijzen naar specialistische hulp. We delen de zorgen van GGZ-NL en willen hen graag ondersteunen. Lastig is dat we met elkaar nog geen norm, nog geen criteria hebben bepaald voor ‘de juiste professional’. Normen die we nu kennen, komen uit een ander stelsel en zijn o.a. daarom niet zomaar toepasbaar; zo kennen ze de niet de norm van verantwoorde werktoedeling en registratie bij SKJ. O.a. daarom zijn ze risicovol voor onze beroepsgroep. Een zuiver beschrijvend document kan misschien een uitweg zijn, maar de vraag is of dat voldoende gewicht heeft. Lastig.

Vrijdagochtend organiseerden we samen met het NIP een bijeenkomst over privacy in het onderwijs. Onze beroepsgroep werd geïnformeerd over de aangescherpte wetgeving over privacy, die veel invloed op scholen zal hebben. Dat is goed voor de leerlingen en hun ouders. En ook voor onze beroepsgroep, die zich tot nu toe nogal een een roepende in de woestijn voelde als het om privacy in het onderwijs ging. Onze professionals worden nogal eens geconfronteerd met zaken die voor hen onacceptabel zijn, zoals dossiers die toegankelijk zijn voor derden. Maar ook voor hen zelf blijft zorgvuldig handelen een vraagstuk, zoals bleek uit de casusbehandeling. Borging van privacy kan worden gestimuleerd door het aanwijzen van een ambassadeur, bijvoorbeeld op het niveau van een samenwerkingsverband. In Utrecht gebeurt dat. We presnteerden de eigen ervaringen van beroepsgenoten. Er verandert van alles, u kunt veel. Pak uw rol!