De pedagoog onderbouwt de vooronderstellingen, bevindingen en conclusies die zij in haar deelonderzoek formuleert onvoldoende. Bovendien trekt de pedagoog vergaande conclusies op basis van gemaakte tekeningen door het kind.

1-3-2018   |   College van Toezicht

Klaagster heeft een zoon, A. die sinds de scheiding van de vader al bij haar woont. A. was toen 1.5 jaar. Er is een omgangregeling, sinds 2008 gaat A niet meer naar zijn vader omdat hij dat niet meer wil. De rechtbank heeft de Raad voor de kinderbescherming een aantal vragen gesteld. Verweerster is werkzaam bij de Raad en voert het deelonderzoek uit. (A. is dan 8 jaar) Doel van het onderzoek is om meer zicht te krijgen op de band die A met zijn ouders heeft en of omgang met de vader weer mogelijk is. Klaagster heeft twee klachten die het CvT tezamen behandeld. Het CvT overweegt het volgende: de pedagoog onderbouwt de vooronderstellingen, bevindingen en conclusies die zij in haar deelonderzoek formuleert, onvoldoende. Bovendien trekt de pedagoog vergaande conclusies op basis van gemaakte tekeningen door het kind.