Pleegzorg door grootouders

29-11-2018

Kamerlid Simon Geleijnse (50PLUS) stelde kamervragen over pleegzorg door grootouders. Minister Hugo de Jonge zegt dat hij er alles aan doet om het pleegouderschap aantrekkelijk te maken - ook voor pleegouders – en dat wensen en behoeften van elk pleegkind centraal dienen te staan.

Geleijnse verwijst naar de Stichting Belangenbehartiging Pleeggrootouders Nederland (SBPN) die stelt dat het aantal grootouders die kinderen kunnen opvangen fors omhoog kan, bijvoorbeeld met een codicil, waarin men kan aangeven dat ze de zorg voor hun kleinkind(eren) op zich willen nemen, mocht dat nodig zijn.

Minister De Jonge wijst er op dat in elk individueel geval wordt bekeken welk pleeggezin het best past bij het kind, waarbij eerst naar het netwerk wordt gekeken (waar grootouders uiteraard ook toe behoren). Hij waardeert het dat grootouders zich willen inzetten om voor hun kleinkind(eren) te zorgen. Op deze manier blijven kinderen in een vertrouwde omgeving.  Samen met Jeugdzorg Nederland werkt het ministerie uit op welke manier de werving van pleegouders op lange termijn geborgd kan worden en welke (nieuwe) manieren er zijn waarop binnen de familie (grootouders, ooms, tantes, etc.) en het sociale netwerk werving kan plaatsvinden.

Ook in het geval van een codicil moet voor elk kind gekeken worden of de grootouders geschikte pleegouders zijn of niet, waardoor een codicil het proces van plaatsing niet versnelt. Minister De Jonge ziet voor hem daarom vooralsnog geen rol om een dergelijk codicil landelijk in te voeren.

Geleijnse vroeg de minister tot slot welke belemmeringen in wet- en regelgeving hij ziet om het aantal grootouders die kinderen kunnen opvangen fors te verhogen. Volgens De Jonge biedt de huidige uitvoering van wet- en regelgeving ruimte voor de inzet van pleeggrootouders voor hun kleinkind(eren). “Met de uitvoering van het actieplan pleegzorg ga ik wel na of we pleegzorg aantrekkelijker kunnen maken voor pleegzorg in het netwerk van het kind en of er (andere) belemmeringen zijn die we weg kunnen nemen. Zo zal ik nagaan of pleegouders fiscale nadelen ondervinden. Ook wordt in opdracht van VWS en JenV de wet verbetering positie pleegouders  geëvalueerd. Het doel hiervan is om te achterhalen welke (rechts)positie pleegouders innemen in het hulpverleningstraject, hoe tevreden/ontevreden pleegouders hierover zijn, en of er verbetermaatregelen mogelijk zijn om de positie van pleegouders te verbeteren. Al deze acties dragen bij aan het aantrekkelijker maken van pleegouderschap, ook voor pleeggrootouders.”