Zinnige gehandicaptenzorg

12-10-2018

Het Zorginstituut Nederland (ZiNL) beoordeelt of diagnostiek en interventies op een gerichte, effectieve en doelmatige manier worden ingezet en onderzoekt wat nodig is om de zorg voor de cliënt verder te verbeteren en onnodige kosten te vermijden. Voor de gehandicaptenzorg resulteerde de screeningsfase van dit ‘zinnige zorg-traject’ in een selectie van twee onderwerpen voor verder onderzoek: ‘de zorg voor probleemgedrag van mensen met een verstandelijke beperking’ en ‘de zorg voor gezondheidsproblemen van mensen met een licht verstandelijke beperking’. Wat vindt ú van deze onderwerpen en herkent u de signalen uit de rapportage?

De rapportage ‘systematische analyse gehandicaptenzorg’ licht de keuze van deze twee onderwerpen toe onder meer aan de hand van signalen uit de praktijk. De NVO denkt mee in dit traject. Herkent u de signalen (niet)  of heeft u relevante aanvullingen, laat dan van u horen door een mail te sturen naar e.snijders@nvo.nl.

Het concept screeningsrapport van het Zorginstituut Nederland benoemt de volgende signalen vanuit de praktijk voor het onderwerp: de zorg van probleemgedrag:

  • Cliënten lopen langer dan gewenst rond met een fysiek of ander probleem of (de oorzaak van) hun probleem wordt niet ontdekt.
  • Cliënten worden niet altijd volgens een gestructureerde aanpak behandeld en begeleid.
  • Mensen met een verstandelijke beperking en probleemgedrag krijgen te vaak antipsychotica voorgeschreven.


Signalen vanuit de praktijk voor het onderwerp: de zorg voor gezondheidsproblemen van mensen met een licht verstandelijke beperking:

  • De aanwezigheid van een LVB wordt onvoldoende gesignaleerd en gedeeld waardoor adequate begeleiding en/of verwijzing niet tot stand komt.
  • De communicatie tussen huisarts en de cliënt met een licht verstandelijke beperking (LVB) verloopt niet altijd optimaal.
  • Huisartsen zijn niet altijd op de hoogte van specifieke aandoeningen die voorkomen bij mensen met een LVB.
  • Mensen met een LVB komen vaker naar de spoedeisende hulp of de huisarts.
  • Niet alle ziekenhuizen hebben protocollen voor deze doelgroep.
  • Patiënten/cliënten weten niet altijd goed wat de behandelafspraken zijn en hoe ze deze moeten opvolgen;
  • De warme overdracht van gezondheidsinformatie komt niet goed tot stand;
  • De samenwerking tussen huisarts en AVG-arts of zorgverlener en begeleider verloopt niet optimaal;