Werkloosheid universitair afgestudeerden daalt, aandacht voor werkervaringsplaatsen

8-6-2016

Uit de arbeidsmarktrapportage van de VSNU blijkt dat universitair afgestudeerden over het algemeen eerder aan een baan komen dan twee jaar geleden. Tegelijkertijd zitten er verschillen in bepaalde sectoren. Ook is er aandacht voor de positie van pas afgestudeerde psychologen en pedagogen. In deze rapportage geven zij aan na afstuderen eerst nog werkervaring op te moeten doen voordat zij in aanmerking komen voor een ‘echte’ baan. Zo is voor orthopedagogische en klinische richtingen een universitaire opleiding alleen niet voldoende. De VSNU benoemt dat deze groep afgestudeerden zich verder moet bekwamen in het werkveld om in aanmerking te komen voor een GZ-opleidingsplaats. Afgestudeerden zullen dus eerst ervaring op moeten doen, desnoods met een (onbetaalde) werkervaringsplaats.

Dit komt overeen met wat FNV Jong concludeert naar aanleiding van hun meldpunt én dat van de beroepsverenigingen NIP en NVO die, in samenwerking met tv-programma De Monitor, onder ruim 1.000 respondenten naar ervaringen met werkervaringsplaatsen vroegen.

Gegeven deze situatie waarin pas afgestudeerde psychologen en pedagogen zich bevinden en de vraag naar meer werkervaring, ontwikkelen NIP en NVO op dit moment een handreiking waarmee leden een afgewogen keuze kunnen maken, voordat zij aan een werkervaringsplaats beginnen. Deze handreiking zal juni/juli verschijnen en ingaan op: het formuleren van leerdoelen, de omvang van begeleiding en supervisie, vergoeding, duur van de overeenkomst, het perspectief na de werkervaringsplaats, pensioen, WW en bijstand en de aansprakelijkheid in relatie tot de beroepscodes van NIP en NVO.

Binnenkort gaan de beroepsverenigingen in gesprek met  brancheorganisaties van de ggz, jeugdzorg en de gehandicaptenzorg om van gedachten te wisselen over dit maatschappelijke vraagstuk. Pas afgestudeerden willen natuurlijk graag werkervaring opdoen, maar wel met passende arbeidsvoorwaarden zoals adequate begeleiding, opgestelde leerdoelen, een vergoeding en een waarborg dat aansprakelijkheid goed geregeld is. Dit is in het belang van werkgevers omdat zij verantwoordelijk zijn voor hun personeelsbeleid en de geleverde zorg, en uiteraard voor patiënten omdat zij te maken hebben met de zorg en begeleiding die door hen geleverd wordt.

De VSNU gaat verder niet in op werkervaringsplaatsen. Het rapport biedt inzicht in de aansluiting op de arbeidsmarkt voor wo-afgestudeerden in Nederland. Van de 93 procent die binnen anderhalf jaar na afstuderen een baan vond, kwam 69 procent terecht in een baan op wetenschappelijk niveau. Verder vond 21 procent werk op hbo-niveau en 2 procent op mbo-niveau. Van 8 procent is dat onbekend.

Bekijk hier de resultaten van de Nationale alumni Enquête (voorheen: WO Monitor) van de VSNU.

Voor meer informatie kunt u ook het dossier werkervaringsplaatsen op de website van de NVO bekijken.