Verlengde pleegzorg na 18 jaar wordt niet altijd toegekend

15-6-2016
Afbeelding: Femmie Juffer

Afgelopen week publiceerde Femmie Juffer (Bijzonder Hoogleraar adoptie & pleegzorg en NVO-bestuurslid) het boek 18x18. Pleegkinderen op de drempel. Hierin komen achttien achttienjarigen aan het woord die zijn opgegroeid in een pleeggezin of gezinshuis. Er komt een helder pleidooi uit voort: het recht op verlengde pleegzorg voor alle pleegkinderen. In een interview vragen we Femmie welke problemen er voor deze doelgroep ontstaan bij 18 jaar, aan welke oplossingen zij denkt en hoe pedagogen hierin iets kunnen betekenen.

Welke problemen ontstaan er voor pleegkinderen die 18 jaar worden?
“Als je achttien wordt, ben je voor de wet volwassen. Voor pleegkinderen is hun achttiende verjaardag ook de dag dat ze officieel afscheid moeten nemen van pleegzorg. Pleegzorg en de pleegzorgvergoeding aan de pleegouders of gezinshuisouders houden op. Huisvesting, werk of opleiding, geldzaken … volgens de wet moet het pleegkind het nu allemaal zelf regelen. Pleegkinderen worden geacht voor zichzelf te kunnen zorgen, al kunnen ze wel verlengde pleegzorg aanvragen tot maximaal hun 23ste jaar. Verlengde pleegzorg wordt echter niet altijd toegekend. Enkele geïnterviewden in het boek maken zich al geruime tijd vóór hun achttiende flinke zorgen hierover. Hun achttiende verjaardag zien ze niet als een feestje.“

Geldt dit specifiek voor deze groep?
“Gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) laten zien dat jongvolwassen vrouwen gemiddeld met 22 jaar het huis uit gaan. Bij  jongvolwassen mannen is de gemiddelde leeftijd 23,5 jaar. Pleegkinderen krijgen die kans meestal niet. Als verlengde pleegzorg niet wordt aangevraagd of niet wordt toegekend, dan is achttien jaar voor hen de formele, juridische grens.”

Wat was de aanleiding van 18x18?
“Tegenwoordig weten we dat volwassenheid geen scherpe grens heeft. Het is niet zo dat iemand op de leeftijd van achttien jaar opeens zijn kindertijd achter zich laat en zich alleen maar volwassen gedraagt. Het is eerder zo dat je naar volwassenheid toe groeit. De periode tussen 18 en 25 jaar wordt ook wel de fase van ontluikende volwassenheid - ‘emerging adulthood’ - genoemd. Een achttienjarige is zijn rol als volwassene aan het verkennen en ontwikkelen.

Juist omdat de volwassenheid niet zo’n scherpe, afgebakende grens heeft, is het niet verwonderlijk dat jongvolwassenen tussen de 18 en 25 jaar hun thuisbasis vaak nog hard nodig hebben. Voor de wet ben je met achttien jaar volwassen. In de praktijk wonen veel jongvolwassenen in die periode nog bij hun ouders. Misschien zijn ze op het ene gebied al lang en breed volwassen, maar op een ander gebied nog niet. Voor jongeren die in hun gezin van herkomst opgroeien, mag en kan dat in onze maatschappij. Vanuit de wetenschap zijn er aanwijzingen dat onze hersenen nog niet volgroeid zijn op precies het achttiende jaar. Ook dat geeft aan dat jongvolwassenen tijd en ruimte nodig hebben om hun leven in te richten.

Voor de wet is die tijd en ruimte er voor pleegkinderen niet. Vanaf de achttiende verjaardag worden pleegkinderen geacht helemaal volwassen te zijn met alle consequenties die daarbij horen: geldzaken op orde, een eigen woonplek, voorzien van opleiding of werk en voldoende sociale relaties om een eigen leven te beginnen. Het zou goed zijn als er bij pleegkinderen meer rekening gehouden wordt met wat we vanuit wetenschap en praktijk weten over ontluikende volwassenheid.“

Zijn er concrete oplossingen waar u aan denkt?
“Veel pleegjongeren hebben, door alle traumatische gebeurtenissen die ze hebben meegemaakt, ‘blessuretijd’ nodig, vergelijkbaar met de extra tijd die aan sporters wordt gegund als er tijd verloren is gegaan tijdens een wedstrijd. Pleegkinderen hebben, zoals ook in veel van de verhalen in 18 x 18. Pleegkinderen op de drempel te lezen is, vaak meer schokkende gebeurtenissen meegemaakt dan hun leeftijdgenoten en dat is hen niet in de koude kleren gaan zitten. Last hebben van nachtmerries of driftbuien kost veel energie, naast alle emoties die ermee gepaard gaan. Dat geldt ook voor de behandelingen of therapieën die nodig zijn om traumatische ervaringen te verwerken.

Een nieuwe start in je leven maken en nieuwe volwassenen gaan vertrouwen kost pleegkinderen veel tijd en aandacht, terwijl ze hun energie ook nodig hebben voor de gewone dingen van het opgroeien, zoals naar school gaan en vrienden maken. Een simpele optelsom laat zien dat pleegjongeren extra tijd in hun pleeggezin gegund zou moeten worden na hun achttiende levensjaar jaar. Bovendien zou een regeling als verlengde pleegzorg niet een soort gunst moeten zijn, maar iets waarop ieder pleegkind recht heeft, gewoon vanwege zijn blessuretijd.”

Hoe kunnen pedagogen een goede overgang 18-/18+ ondersteunen?
“Pedagogen kunnen pleeggezinnen hierbij helpen door aanvragen voor verlengde pleegzorg te ondersteunen en instanties duidelijk te maken dat pleegjongeren van 18 jaar nog heel hard hun thuisbasis nodig hebben. Een beslissing over verlengde pleegzorg moet niet afhankelijk zijn van bijvoorbeeld een opleiding die nog niet is afgerond of iets dergelijks. Het blijven bieden van een veilige thuisbasis aan pleegjongeren moet centraal staan. Daarmee werken pedagogen ook nog eens preventief. Als jongeren in pleegzorg te vroeg worden losgelaten, is het risico op psychopathologie aanwezig. En dan kan het met volwassenhulpverlening wel eens duurder uitpakken dan met verlengde pleegzorg.”

Bekijk ook:
- Het artikel ‘Pleegzorg hapert als kind 18 jaar is' (AD – 10 juni 2016)
- De onderzoeksoutput ‘Gun jongeren in pleegzorg blessuretijd’ (Universiteit Leiden, 10 juni 2016)