Onderzoek instemmingsverklaringen voorwaardelijke machtiging

20-2-2017
Afbeelding: beeld doelgroep1


In een brief aan de Tweede Kamer heeft de staatssecretaris Van Rijn (VWS) de uitkomsten van een onderzoek gepubliceerd naar  de voorwaardelijke machtiging gesloten jeugdhulp.  De staatssecretaris geeft aan dat het onderzoek laat zien dat de voorwaardelijke machtiging een zinvolle aanvulling is. De uitkomsten zullen worden betrokken bij de evaluatie van de Jeugdwet.

Het onderzoek is in opdracht van NIP en NVO uitgevoerd door onderzoekers van Hogeschool Leiden, Menno Ezinga en Susanne Höfte. Het richtte zich op de rol en functie van de orthopedagoog en psycholoog die een instemmingsverklaring moeten afgeven als er een voorwaardelijke machtiging gesloten jeugdhulp wordt gevraagd aan de rechter.

De voorwaardelijke machtiging bestaat sinds de invoering van de Jeugdwet in 2015. Deze machtiging kan, kort samengevat, worden verleend wanneer de ernstige belemmering in de ontwikkeling naar volwassenheid alleen buiten de opvang kan worden afgewend door het stellen en naleven van voorwaarden en aan de rechter een hulpverleningsplan wordt overhandigd.

Het onderzoek laat zien dat gedragswetenschappers de instemmingsverklaring alleen afgeven als naar hun oordeel de gronden voor een reguliere machtiging aanwezig zijn. Ze bevelen aan dat de wijze waarop met de jongere gecommuniceerd wordt over de voorwaarden van groot belang is, zodat ze een kans krijgen. De voorwaarden dienen helder en haalbaar te worden geformuleerd.

Binnenkort zullen NIP en NVO de betrokken gedragswetenschappers en andere belangstellenden uitnodigen voor een bijeenkomst om de resultaten van het onderzoek nader te bespreken.

Klik hier om het onderzoeksrapport te lezen en hier voor de brief van staatssecretaris Van Rijn aan de Tweede Kamer.

Meer informatie vindt u ook in ons dossier gesloten jeugdhulp.